Franciscus bezorgd om “alarmerende actualiteit” van oude ketterijen

10 april 2018

Paus Franciscus schrijft in zijn op 9 april 2018 gepresenteerde  apostolische exhortatie Gaudete et exsultate dat hij bezorgd is om twee ketterijen uit de oudheid die volgens hem nog steeds van een “alarmerende actualiteit” zijn: gnosticisme en pelagianisme.

“Ook nu laten de harten van vele christenen zich, misschien zonder dat ze zich daarvan bewust zijn, verleiden door deze bedrieglijke ideeën. Daarin wordt een als katholieke waarheid vermomd antropocentrisch immanentisme tot uitdrukking gebracht”, aldus de paus.

lees ookPaus legt uit hoe je een heilige wordt

Het gnosticisme wil volgens Franciscus “het mysterie domesticeren”. Hedendaagse gnostici denken alles over God te weten en “promoten hun eigen psychologische en intellectuele theorieën”, waarschuwt de paus.

Franciscus verstaat onder gnosticisme de dwaling dat de menselijke kennis of ervaring als een betrouwbare weg naar heiligheid kan worden beschouwd. “God overstijgt ons op oneindige wijze; Hij zit vol verrassingen. Wij zijn niet degenen die bepalen wanneer en hoe we Hem ontmoeten (…). Iemand die wil dat alles helder en zeker is, gaat ervan uit dat hij Gods transcendentie kan controleren.”

Niemand kan volgens de paus met recht beweren dat God ergens niet aanwezig is, omdat Hij zelf wel bepaalt waar Hij tegenwoordig is. “Zelfs wanneer iemands leven een totale puinhoop is, zelfs als het is verwoest door ondeugden en verslavingen, dan is God daar. Als we ons laten leiden door de Geest in plaats van door onze vooronderstellingen, dan kunnen we en moeten we de Heer in ieder mensenleven proberen te vinden. Dat is een deel van het mysterie dat de gnostische mentaliteit niet kan aanvaarden, omdat het buiten haar controle valt.”

Andere dwaalleren die een nieuwe vorm hebben aangenomen zijn het pelagianisme en het semipelagianisme. Vooral deze ketterijen zijn zorgwekkend omdat die zich vooral voordoen bij mensen die zich naar buiten toe presenteren als goede katholieken, meent de paus.

Franciscus heeft het over de gelovigen die denken dat ze op eigen kracht gerechtvaardigd kunnen worden. Deze mensen aanbidden de menselijke vrije wil, waarschuwt de paus. “Dat vertaalt zich in egocentrische en elitaire zelfgenoegzaamheid, zonder ware liefde. Dat komt tot uiting in vele ogenschijnlijk verscheidene houdingen: de obsessie voor de wet, het opgaan in sociale en politieke voordelen, een nauwgezette bezorgdheid voor de liturgie, de leer en het prestige van de Kerk, een ijdelheid omtrent het vermogen om praktische zaken te regelen, en een buitensporige bezorgdheid voor de programma’s van zelfhulp en persoonlijke vervulling.”

“Sommige christenen”, vervolgt Franciscus, “besteden hun tijd en energie aan deze zaken, in plaats van zich te laten leiden door de Geest op de weg van de liefde, in plaats van gepassioneerd te zijn over de communicatie van de schoonheid en de vreugde van het Evangelie en in plaats van op zoek te gaan naar de enorme menigten die dorsten naar Christus”.

“Niet zelden kan de Kerk in tegenstelling tot de aansporingen van de Geest een museumstuk worden of het bezit van een elite. Dit kan zich voordoen wanneer sommige groepen christenen buitensporig veel belang hechten aan bepaalde regels, gebruiken of handelswijzen. Het Evangelie loopt dan gevaar te worden gereduceerd en beperkt, ontdaan van zijn eenvoud, allure en smaak. Dit kan een subtiele vorm van pelagianisme zijn, omdat het erop lijkt dat het genadeleven wordt onderworpen aan bepaalde menselijke structuren. Groepen, bewegingen en communiteiten kunnen er vatbaar voor zijn. Ook biedt het een verklaring voor het verschijnsel dat ze beginnen met een intens leven in de Geest om gefossiliseerd of corrupt te eindigen”, aldus Franciscus.

tekst: Christian van der Heijden